Suzanna Spring - She's got your heart  ****  (CD Baby)

Suzanna Spring - She's got your heart

Ongelooflijk toch, hoe men er bij de grote platenlabels in Nashville steeds weer in blijft slagen om de échte talenten over het hoofd te zien. Neem nu zo’n Suzanna Spring. Wat die allemaal in haar mars heeft… Haar repertoire zit stampvol met krenten in de pap die het zowel in de countryhitlijsten als in de americana charts goed zouden kunnen doen. Suzanne ziet er bovendien ook nog eens allesbehalve onaardig uit. En ze wist zichzelf te voorzien van een uitstekende cast. Toppers in hun vakgebied als Tim Krekel, Billy Montana, John Reynolds, Alan Shapiro, Walt Wilkins en Michael Kelsh schoven graag aan bij Suzanna’s schrijftafel. Spring vond overigens bij hetzelfde platenlabel onderdak als gerespecteerde collega’s Kim Richey en Jim Lauderdale – bepaald geen slecht voorteken, als je ’t mij vraagt  En ook klasse muzikanten als Dan Dugmore (akoestische gitaar en steel), Kenny Vaughn (elektrische gitaar), Reese Wynans (B-3 en piano), Dave Pomeroy en Larry Paxton (bas), Chad Cromwell (drums) en Bruce Bouton (steel) lieten zich niet onbetuigd op haar feitelijke cd debuut “She’s Got Your Heart”. Op dit album combineert Spring elementen uit rootspop en –rock, folk en vooral ook country tot iets heel moois. De voormalige zangeres van het volledig uit vrouwen bestaande Zuid-Californische countryrockgezelschap The Mustangs – met wie ze ooit nog op de affiche van het Deense megafestival van Roskilde prijkte – en van alt. country band Ghosttown beschikt immers over een hemelse stem die beurtelings herinnert aan die van de jonge Emmylou Harris en die van Fleetwood Macs Stevie Nicks. Heel erg expressief – kristalhelder als het erop aankomt de hoge noten te kraken, wat rauwer en meer doorleefd als een lager bereik dient te worden aangewend. Op haar mooist klinkt ze in pareltjes als het met rinkelende gitaartjes en zalige harmonieën van Carter Wood en Billy Montana opgeluisterde titelnummer, de door Russ Pahl van een leuke steel touch voorziene ingetogen americana(pop) van “Never Saw It Coming”, de Emmylou-eske met Walt Wilkins gepende rootspop van “On The Other Side Of This Love” – in mijn ogen de absolute prijsknaller van deze plaat – en de ingetogen folk country van “Dancing On The Moon”. Ik herhaal het hier dus nog maar eens: onbegrijpelijk dat platen als deze aan het Nashville establishment kunnen ontglippen.

 

3 november 2004

Tracks en Credits

Terug naar Hoofdindex