The Style Council - Our favourite shop ***Ĺ  (Re-play)

The Style Council - Our favourite shop

Terwijl Amerikaanse groepen zich in toenemende mate baseren op elementaire jaren zestig rock, lijkt Groot-BrittanniŽ vooral in de greep van de oude jazz en soul. Alles kan, zolang het maar geen vier maten r&b is en Billie Holiday is het nieuwste toverwoord. Carmel, Everything But The Girl, Alison Moyet, Working Week. En op deze trendmatige lijn moet ik ook Paul Wellers Style Council plaatsen. Op deze tweede elpee, die in Nederland verscheen op 31 mei, heeft hij met een nieuwe coiffure en grotendeels dezelfde ploeg (Mick Talbot, Steve White plus enkele gasten onder wie Carmel) de wat overbodige swing en coctailuitstapjes van het debuut Le Cafť Bleu wijselijk laten vallen. Behoudens twee gevaarlijk Langs De Lijn lopende bossanovaís richt hij zich uitsluitend op de zorgvuldig gearrangeerde en vooral erg keurig gestileerde Style Council soul-varianten. Niet zelden geŽnt op het type soul dat het duo Bacharach/David in de jaren zestig voor Dionne Warwick placht te schrijven en waarbinnen Weller regelmatig met een aantal smaakvolle melodieŽn op de proppen weet te komen. In zijn teksten toont hij zich evenwel een stuk minder trendgevoelig. Klaarblijkelijk heeft hij in Le Cafť Bleu een aantal snode theorieŽn gesmeed over de verbetering van de wereld en van Engeland in het bijzonder en daarvond doet hij nu kond. De openhartige wijze waarop hij zowel maatschappelijke als politieke kleur bekent, dwingt zonder meer respect af. Thematisch sluiten de songs vaak nauw op elkaar aan. In de opener Homebreakers schetst hij uitvoerig het verhaal van een familie die langzaam door de werkloosheid uiteen wordt gescheurd en er zelfs aan ten gronde gaat. Dit gegeven wordt onmiddellijk doorgetrokken in songs als All Gone Away en With Everything To Lose., waarin het tamelijk hopeloze beeld wordt geschilderd van Britse schoolverlaters in de verstikkende greep van de Toryís: qualified and patronized and with everything to lose. Weller spoort de luisteraar voortdurend aan om duidelijke keuzes te maken; alleen dat kan Engeland nog redden. Come To Milton Keynes verwijst zowel naar Milton Friedman en Raymond Keynes, met wie de Thatchers en de Reagans zo hard weglopen. Het door een strijkorkestje begeleide A Stone Throw Away verwijst naar opstanden die elders in de wereld plaatsvinden, terwijl de komiek Lenny Henry in The Stand Up Comics Instructions definitief afrekent met gemakkelijke grappen over minderheden. Weller wil een zegsman zijn van zijn generatie en Ė zoals hij in de hoestekst aanduidt Ė de jeugd trainen in de kunst van de revolutie. Rise up and declaire yourself an Internationalist. De moraal wordt nogmaals bondig samengevat in het afsluitende (tevens op single verschenen) Walls Come Tumbling Down; zit niet bij de pakken neer, eenheid maakt macht. Paul Weller is een onbeschaamde idealist. Of hij met deze muziek inderdaad de muren van het Britse regerings-bastion kan laten instorten, blijft vooralsnog de vraag.

 

1 juli 1985

Tracks en Credits

Terug naar Hoofdindex