Radiohead - Hail to the thief ****½    

Sla de Griekse mythologie erop na. De verschillende mythologische figuren in het bezit van meerdere gedaantes, de mogelijkheid van gedaante te verwisselen en de driekoppige, tweekoppige en meerlijvige monsters zijn niet te tellen. De mens raakt gefascineerd door contrasten. Het beeldschone tegenover het oerlelijke en andersom. Al eeuwen wordt er geschreven over Cerberus, de driekoppige hond die de poorten van de hel bewaakt, Geryon, het driekoppige monster met zijn angstaanjagende kudde rood vee. Chimaera, het monster met leeuwekop, geitelijf en slangestaart. De wereld van de Goden is in de geschiedenis altijd op de proef gesteld door de slinkse en afschrikwekkende monsters.

Radiohead heeft in haar mythologisch bestaan gedaantes aangenomen die door velen als afschrikwekkend werden beschouwd. Velen ook zagen er de prachtige cynische schoonheid van in. Radiohead heeft met hun eigengereidheid de wereld van de rockmuziek helemaal op zijn kop gezet. Kid A werd, toen deze net uitkwam, door menig fan gezien als een catastrofe. Achteraf kunnen we zeggen dat één van de raarste rockalbums nu gezien wordt als het meesterwerk wat de rockgeschiedenis veranderde. Na Kid A klinkt niet veel meer raar. Alles lijkt te kunnen. Dankzij Radiohead. “3 Minute popsongs” zo kondigde Ed O’ Brien vorig jaar het nieuwe album aan. Een groot deel van de fans haalde opgelucht adem. Ok Computer 2 dus, concludeerden zij. Kid A fans, lieten hun hoofden verdrietig hangen om te wachten op een teleurstelling. Geen van beiden krijgt wat ze verwacht.

Hail To The Thief is misschien geen vooruitgang maar het is een album dat Radiohead laat uitblinken in waar ze goed in zijn. De gitaren zijn weer prominent aanwezig, zoals op de opener ‘2+2=5’ die erin knalt met krachtige Thom Yorke vocalen en een raggende Jonny Greenwood op gitaar. De toon van de plaat is sterk gezet. Het album heeft één van de beste openers aller tijden en op het gebied van afsluiters mag dat ook over ‘Wolf At The Door’ gezegd worden. Daar tussenin bevindt zich een mengelmoes van de verschillende kanten van de band. ‘Backdrifts’ blikt met zijn computergestuurde drums terug op het Kid A / Amnesiac tijdperk. Toegankelijker, nog steeds duister maar ook dansbaar. De teksten moeten volgens Thom Yorke alleen gezien worden als klankpanelen die aansluiten bij de muziek. Toch zijn de lugubere referenties weer aanwezig in de meeste nummers. “We’re rotten fruits, we’re damaged goods, what the hell we got nothing more to lose, one burst and we will probably crumble”, weeklaagt Yorke in ‘Backdrifts’. ‘The Gloaming’, ook zo’n terugblik op Kid A. Stuiterende, donkere beats. ‘Sit Down, Stand Up’ is weer een nummer dat zich onderscheidt door nergens op te lijken. Plakkerige, zachte beats die worden vergezeld door een pianoloopje en triangelgepingel op de achtergrond. Er is geen duidelijke structuur en het nummer implodeert aan het eind met een gepijnigde Yorke die”… no raindrops…” uitbralt. ‘Sail To The Moon’, de serenade van Thom aan zijn zoon, doet denken aan de sfeer die ‘Pyramid Song’ neerzette. Een duistere ballade met zware piano en een onheilspellende schoonheid verborgen in de vocalen van Yorke.

De Radiohead-kampen, gecreëerd door de onwaarschijnlijke drift tot experimenteren van de band, zijn verenigd door een allesbepalende factor. Thom Yorke is de vleesgeworden angst van iedereen tussen de tien en vijfenzestig met een aanleg die neigt naar de donkere, depressieve kant van het leven. Van The Bends tot en met Amnesiac en nu ook Hail To The Thief. Cynische woordspelingen en manische vocalen, de talenten van Thom Yorke zijn op dat vlak ongeëvenaard.

De door Radiohead zelf overhoop gehaalde rockwereld wordt weer een beetje teruggeschoven naar de essentie van Ok Computer door nummers als ‘Go To Sleep’, ‘There There’ (de eerste single) en ‘Scatterbrain’. Jonny Greenwood kan weer knallen. De fuzzy synths op ‘Myxomatosis’, één van de betere live-nummers klinken fris en vernieuwend. De afsluiter ‘Wolf At The Door’ mag dus wel één van de beste afsluiters ooit genoemd worden. Een rappende Yorke, steeds manischer wordend naarmate het einde nadert. De definitie rock kan weer worden herzien door dit nummer en Radiohead mag dat wederom op hun conto schrijven.

De breuk die met Kid A werd geforceerd wordt met Hail To The Thief weer enigszins gelijmd. De fans die nog op een tweede ‘Creep’ wachten zullen nooit tevreden zijn maar dit is misschien het meest veelzijdige album van Radiohead ooit en wordt na elke luisterbeurt weer beter en beter. Hail to Radiohead dus!  

4 juni 2003

 

Tracks & credits

Terug naar Hoofdindex