Keane - Perfect symmetry  (Waardering Muziekwereld)

Keane - Perfect symmetry

Dit derde album van het trio uit East-Sussex is één van de grote releases van dit najaar en gaat waarschijnlijk één van de grote klappers van 2008 worden. Na de ijzeren consequentie van debuut Hopes & Fears (‘aardige jongens’-achtige Nescio-thematiek op z’n Brits, hoge galmzang, hamerpiano) en opvolger Under The Iron Sea (depri teksten, vervreemdend vervormde synthesizer, ruzie onderling) gooit Keane ditmaal, onder aanvoering van demiurg Tim Rice-Oxley, op onverwacht speelse wijze alle muzikale registers open. Zeker, ook de onvervalste gedragen klavierballads, die zo ‘typisch Keane’ zijn, ontbreken niet, met als hoogtepunt het afsluitende Love Is The End. En ja, ook voor wie het drietal wil nadragen dat ze U2 naar de kroon probeert te steken, biedt dit Perfect Symmetry genoeg ammunitie (The Lovers Are Losing, Spiralling en het titelnummer), maar voor de rest trakteert Keane de luisteraar toch vooral op een tombola van verrassingen. Invloeden? David Bowie (ten tijde van Ashes To Ashes) en wijlen Queens Freddie Mercury spoken vrijelijk rond. Net als de synthipop (met de nadruk op pop) uit de prille jaren tachtig, toen toetsenist Rice-Oxley, zanger Tom Chaplin en drummer Richard Hughes zelf nog in korte broek rondstapten. Instrumenten? Niet langer alleen drums en toetsen, maar ook gitaren (veel gitaren, riffjes ook), bas (een echte, zeer stuwend), saxofoon, zelfs zingende zaag en kokette handclaps (in het aandoenlijk schokkerige Better Than This). Wat niemand voor mogelijk hield is een feit: Keane klinkt soms zowaar opgeruimd en dansbaar. De muziek ademt. Daar zorgen niet alleen de ‘nieuwe’ percussie-elementen voor, ook vele Queensiaanse koortjes en vocale experimenten dragen ertoe bij. Maar ook in zijn eentje zingt Tom Chaplin verbluffend soepel en soeverein, als een herboren man. Exit al zijn verslavingsleed. Exit ook al dat tekstuele navelgestaar over ‘interne bandstrubbelingen’ en door ego’s gedeukte jeugdvriendschap. Wat wel is gebleven – ook dat is typisch Keane, of misschien moeten we wel zeggen: typisch Rice-Oxley – is de ambitie om iets heel groots te creëren. Die ambitie spat van de plaat af. Zijn teksten, nu gericht op de condition humaine in het algemeen, heeft Rice-Oxley verpakt in een elftal songs, 51 indrukwekkende minuten lang, met een rijke, zeg maar rustig barokke invulling. Soms bezonken en ontroerend, maar ook verfrissend lucide. Over de gehele linie heel prettig om naar te luisteren, maar ook gedurfd en overtuigend. Conclusie: ook met nieuwe taktiek treft Keane doel. TOM ENGELSHOVEN

Bron: www.oor.nl

 

Gepubliceerd op Muziekwereld: 23 november 2008

Tracks en Credits

Terug naar Hoofdindex