Elliott Smith - New moon (Waardering Muziekwereld) ****½

Elliott Smith - New moon

Of je nou wilt of niet, als je luistert naar Georgia, Georgia, het openingsnummer van de tweede cd van Elliott Smiths verrassend indrukwekkende postume tweeluik New moon, gebeurt het toch weer. Een akoestische gitaar tokkelt verraderlijk vrolijk over een muzikaal landweggetje, terwijl hij met een bittere glimlach zingt over een relatie die stormachtig op de klippen liep. De tekst jaagt voort alsof de duivel hem op de hielen zit, maar die beladen geraakte regels springen er meteen uit: 'With your things all full of beer / Thinking: well, at least now everything is clear / But, oh man what a plan, suicide.' Toen hij het liedje ergens midden jaren negentig schreef, kon je het waarschijnlijk nog opvatten als een morbide grap. Maar ja, toen kwam die dag in oktober 2003, toen Smith toetrad tot wat de moeder van Jeff Buckley ooit walgend 'that stupid club' noemde. De details zijn bijna vier jaar later nog wat schimmig, maar zeker is dat één van de talentvolste singer-songwriters van zijn generatie na een ruzie met zijn vriendin, Jennifer Chiba, stierf aan de gevolgen van twee messteken in zijn borst. De geruchten over de Sid-en-Nancy-achtige verhouding van de twee geliefden en een mogelijke moord zijn sindsdien nooit helemaal verstomd, maar er zijn toch maar weinig enigszins nuchtere mensen die eraan twijfelen dat hij de hand aan zichzelf sloeg. En, riepen fans en journalisten algauw in koor, dat hij dat ging doen, had hij in zijn werk alláng aangekondigd. Je hoefde maar te kijken naar die hoes van zijn tweede, titelloze soloplaat uit 1995: een korrelige foto waarop lichamen van een hoog gebouw vallen. Sterker: al zijn vijf albums plus de één jaar na zijn dood uitgebrachte zwanenzang From a basement on the hill liepen over van de zelfhaat, de wanhoop en het doodsverlangen. Die zin in Georgia, Georgia hééft achteraf natuurlijk een spookachtige echo. En als je wilt, kun je tussen de tracks op New moon ook weer genoeg profetische woorden vinden over zijn latere lot. Elk met gebroken fluisterstem gezongen woord van twijfel, hartenpijn of zelfspot wordt dan een rauwe wanhoopskreet; elke tekstflard over drugsmisbruik en depressie in High times, New monkey of There's a riot coming een kleine kroniek van een aangekondigde dood. Het kan. Maar als je je blind blijft staren op al die vermeende zelfmoordbriefjes-op-muziek, loop je wel het risico over het hoofd te zien wat je hier bovenal in handen hebt: een schat aan fraaie schetsen, fascinerende doedels en tot in de perfectie uitgewerkte meesterwerkjes uit het atelier van een springlevend talent in ontwikkeling. Dat een archiefproject van deze omvang niet óf een cynische oefening in lijkenpikkerij óf een overbodig rariteitenkabinet van alternatieve versies en losse flodders alleen interessant voor de allerfanatiekste fans blijkt te zijn, is op zichzelf al verrassend genoeg. Maar bij sommige van de vierentwintig door samensteller Larry Crane lichtjes opgepoetste demo's uit de periode 1995-'97 kun je alleen maar ongelovige je hoofd schudden. Dat die jaren vruchtbaar waren, is bekend - Smith nam er niet voor niets zijn twee allermooiste platen in op, Elliott Smith (1995) en Either/or (1996). Maar hier tref je minstens een ruime handvol nummers aan die niet zomaar 'niet misstaan hadden' op zijn releases van destijds, maar ze zelfs overtreffen. Neem op disc één alleen al de opener Angel in the snow en de pastorale schoonheid van Going nowhere, dat zo'n hemels gitaarmelodie heeft dat je Nick Drake in gedachten bijna mee hoort neuriën. Of All cleaned out dat zich moeiteloos kan meten met het beste dat The Posies ooit hebben opgenomen en een cover van Alex Chiltons Thirteen, die je in zijn haast huidloze oprechtheid dwars door de ziel snijdt. En dan moeten Georgia, Georgia en de 'folksong in C' Whatever op schijfje twee nog komen. Van zijn duistere, boosaardige kant laat hij zich trouwens ook regelmatig horen op New moon. In het bedrieglijk liefelijk klinkende Looking over my shoulder tiert hij bijvoorbeeld sardonisch over 'another sick rock-'n-roller acting like a dick' en verheugt hij zich nu al op zijn volgende 'sonic fuck you'. Niet echt de woorden van het maanzieke kasplantje dat sommigen graag van hem maken. Maar meestal overheerst die vreemde, toverachtige combinatie van teksten waar het leed van af zou moeten druipen (en dat vaak ook doet) gezongen op tegen de klippen op zomerse, Beatleske popdeuntjes. Dat is de tegenspraak die Smiths beste songs hier en elders tegelijkertijd unheimisch en onweerstaanbaar maken. Manisch verdriet met een hoopvol randje, zoiets is het.
Dat alle tracks op New moon even overrompelend zijn, is daarmee niet gezegd. De liedjes uit zijn periode met de band Heatmiser vallen hopeloos uit de toon. Hier en daar komt er kinderlijk onhandig gerijmel voorbij. En we hadden best kunnen leven zonder die vroegere versie van Miss Misery - het nummer dat hem via de soundtrack van Good will hunting en een pijnlijk verlegen optreden op de Oscar-uitreiking van 1998 (waar hij het aflegde tegen het Titanic-gekweel van Céline Dion) beroemd(er) zou maken. Maar niettemin: een vitaler grafmonument had je je niet kunnen wensen.
En hoewel hij ongeveer zo rock-'n-roll was als een potje Prozac, als je hem in Thirteen hoort zingen: 'Rock-'n-roll is here to stay', dan weet je: de muziek van Elliott Smith blijft voorlopig ook nog wel even.

DIRK-JAN ARENSMAN

Bron: Het Parool

 

Gepubliceerd op Muziekwereld: 12 juli 2007

Tracks en Credits

Terug naar Hoofdindex