Charlotte Gainsbourg - IRM (Waardering Muziekwereld) 8½

En zo werd 2009 toch nog een beetje het jaar van Frankrijks beroemdste ‘dochter van’: een hoofdrol in de meest controversiële film van het jaar (Lars Von Triers Antichrist) en dan ook nog even, op de valreep, een verrassend geslaagde plaat. Weliswaar met uitzonderlijke dank aan Beck, die met Charlotte Gainsbourg in contact kwam via een gezamenlijke kennis (producer Nigel Godrich) en zich meteen ontfermde over de muziek, de productie en een groot deel van de teksten van IRM. Maar toch. De albumtitel staat voor Imagerie par Résonance Magnétique, bij ons beter bekend als MRI: een methode om (hersen)scans mee uit te voeren. Gainsbourg kreeg ermee te maken in 2007 na een ongeval tijdens het waterskiën, waarbij ze een lichte hersenbloeding opliep en met spoed geopereerd moest worden. Een traumatische ervaring, zegt ze zelf, die zijn weg heeft gevonden naar de thematiek op IRM. Zo verwijst de repeterende drone in het titelnummer naar het geluid van de MRI-scanner en is de dood een terugkerend onderwerp (In The End, Heaven Can Wait). Maar wat IRM vooral zo bijzonder maakt, zeker in vergelijking met voorganger 5:55 (vormgegeven door de mannen van Air), is de enorme spanning en vindingrijkheid in de muziek. Iets waarin je overigens onmiddellijk de hand van Beck herkent. De percussieve aanpak, de melodieën, de speelse instrumentatie en natuurlijk de voortdurend lonkende zoektocht naar de meest prikkelende balans tussen pastiche en ernst. Die op IRM trouwens glorieus gevonden wordt in het in John Barry-strijkers gemarineerde Le Chat Du Café Des Artistes, waarbij je juist wél de regie van Air vermoedt en Gainsbourg zich openbaart als het ietwat onopvallende zuchtmeisje dat ze feitelijk is. Want nee, een krachtige, karakteristieke zangstem heeft ze natuurlijk niet. Maar wat Beck er op IRM bij wijze van afleidingsmanoeuvre omheen weet te bouwen, is op z’n minst indrukwekkend. ERIK VAN DEN BERG
Bron: www.oor.nl
Gepubliceerd op Muziekwereld: 10 januari 2010