Ozark Henry
Lang voordat Piet Goddaer in 1999 de muziekrecensenten
weet te charmeren met zijn schitterende tweede cd 'This
Last Warm Solitude', was deze bezige Kortrijkse bij al bezig om de wereld te
verrassen met zijn unieke kunstenaarstalenten. Op muzikaal vlak was Goddaer, de
zoon van de veelgelauwerde componist Norbert Goddaer, actief bij het
acid-jazzcombo Word, dat via een achterpoortje binnen raakte op Humo's Rock
Rally, maar daarnaast hield hij zich verdienstelijk onledig met zijn gedichten
en beeldende kunst.
In 1996 moest Goddaer een belangrijke keuze maken: Double T Music bood hem en
zijn muzikale kompaan Filip Tanghe een platencontract aan. Ozark Henry was
geboren en schoot meteen goed uit de startblokken met het veelgelaagde maar iets
te drukke 'I'm
Seeking Something That Has Already Found Me'. Omdat de reacties aanvankelijk
heel lauw waren, namen Goddaer en Tanghe het jaar erop een tweede cd op, maar
die bleef op de plank liggen omdat het debuut in Frankrijk plotseling wel succes
bleek te hebben en toeren bij onze zuiderburen zowat een verplichting werd.
Omdat de ietwat eigenzinnige Goddaer enkel en alleen "vers" songmateriaal
uitbrengt, gooide hij op één na alle nummers voor de tweede cd overboord en
schreef hij 12 nieuwe songs, waarna in 1998 'This
Last Warm Solitude' het daglicht zag. Een cd die zijn status als Vlaamse
Tricky nog meer glans heeft, want het schijfje staat vol van de geniale
vondsten en is bovendien heel wat toegankelijker dan zijn voorganger.
Ook de buurlanden ontdekten het compositorisch vernuft van Goddaer, wat ertoe
bijdraagt dat Ozark Henry voor enkele maanden de hort opkon om de cd te
promoten. Live klinken de nummers van 'This
Last Warm Solitude' anders dan op de cd, want Goddaer kiest voor een
"normale" bandbezetting tijdens de optredens, terwijl hij het studiowerk liever
zelf afhandelt in zijn Ozark Henry Living Room. Resultaat zijn enkele
auditief en visueel verbluffende shows, waarbij Goddaer, door naar hartelust
wijzigen in arrangementen en zanglijnen aan te brengen, blijk geeft van een
gezonde dosis zelfkritiek.
In maart 2000 creëerde hij ruimte voor een nieuw alter ego: Sunzoo Manley, het
pseudoniem waaronder hij een bijzonder geslaagde cover opnam van
Bowies 'Suffragette City'. Het "project Ozark Henry" bestaat niet meer.
Goddaer werpt al zijn artistieke gewicht in de schaal en is ondertussen druk in
de weer met een opvolger voor 'This
Last Warm Solitude'. Die komt er eind 2001 met het sublieme 'Birthmarks'.
Goddaers creativiteit kent dat jaar blijkbaar geen grenzen, want van Sunzoo
Manley verschijnt ook nog 'To
all our Escapes'. In oktober 2002 mag een zichtbaar ontroerde Piet na het
eerste van twee concerten in de Brusselse Ancienne Belgique zijn eerste gouden
plaat in ontvangst nemen voor 'Birthmarks'.
Eind 2002 verschijnt 'Sedes
& Belli - The Music', de soundtrack van het nieuwe VRT-feuilleton 'Sedes en
Belli'.