Moby
Hoewel hij een van de belangrijkste gezichten uit de hedendaagse
dancescène is, is Moby meteen ook één van de meest controversiële figuren in
het technogebeuren. Terwijl hij enerzijds geprezen wordt omdat hij het anonieme
genre een gezicht gaf en techno bij de grote massa introduceerde, wordt hij
begin jaren negentig door technopuristen verguisd omdat hij zich niet aan de
stijlbeperkingen van het genre houdt, maar experimenteert met luide gitaren en
punkritmes en invloeden aanhaalt uit pop, dance en filmmuziek. Moby is niet
alleen muzikaal een vreemde eend in de bijt, maar staat met zijn radicaal
christelijke en strikt veganistische levenswijze - een ideologie die hij samen
met zijn ecologische engagement ook uitdraagt via de booklets bij zijn
albums - ook haaks op het hedonisme en het escapisme waar de technoscène in die
periode voor staat.
Moby werd op 11 september 1965 geboren als Richard Melville Hall in New York.
Zijn roepnaam heeft hij al sinds zijn kinderjaren en dankt hij aan zijn
verwantschap met de schrijver van 'Moby Dick', zijn betovergrootoom Herman
Melville. Hij groeit op in het plaatsje Darien, Connecticut, waar hij als tiener
in zijn eerste hardcore punkbandje speelt. Hij speelt in de daaropvolgende jaren
in menig metal-, hardcore- en punkgezelschap en is zelfs een tijdje zanger ad
interim bij de anarchistische formatie Flipper wanneer hun vaste zanger een
gevangenisstraf uitzit.
Moby loopt een tijdje college, maar besluit dan dat de schoolbanken niet aan hem
besteed zijn en verhuist naar New York om het te gaan maken als deejay. In de
late jaren tachtig en het begin van de jaren negentig neemt hij een aantal
singles en ep's op voor Instinct, een kleine independent platenfirma. In 1991
zet hij een technobeat op Angelo Badalamenti's thema van David Lynch's tv-serie 'Twin Peaks' en hij scoort daarmee de wereldhit 'Go'. Moby vestigt zich
op die manier als een van de voornaamste technoproducers en het regent vanaf dan
verzoeken van bekende en minder bekende artiesten om remixen voor hen te maken.
Ook als deejay lijkt zijn broodje gebakken, want hij staat op de affiche van
elke belangrijke rave of dansfeest uit die periode.
In 1992 brengt hij op Instinct zijn debuutalbum 'Moby' uit. In 1993
haalt hij met de single 'Thousand' het Guinness Book of Records. 'Thousand' is
met maar liefst 1000 BPM de snelste single ooit. In 1994 tekent hij een contract
bij Mute en hij zegent dat huwelijk in met de releases van 'Ambient', een
verzameling onuitgegeven tracks en de compilatie 'The Story So Far'. In 1995
komt hij met 'Everything is wrong' met een eerste meesterwerk aanzetten. In de VS wordt de plaat door major Elektra
verdeeld en heeft Moby, intussen al lang een gevestigde waarde in Europa,
eindelijk ook succes op het thuisfront.
Een jaar later breekt Moby echter volledig met elektronische muziek en neemt hij
met 'Animal Rights' een minder geslaagde hardcore gitaarplaat op. In 1997 keert
hij gelukkig terug naar het elektronische nest en maakt hij met 'I Like to
Score' een volledig op filmmuziek geïnspireerde plaat. Met 'Play' schopt hij het in
1999 uiteindelijk tot absolute wereldster. De plaat is een heuse bestseller,
haalt verscheidene keren platina en stapelt de awards op. De nummers van de
plaat zijn te horen op verschillende soundtracks, compilaties en
reclamefilmpjes. En dan te bedenken dat de meeste critici Moby bij de release
van 'Play' opnieuw
afrekenden op zijn muzikale veelzijdigheid en het album oorspronkelijk met een
plaatsje in de grijze middenmoot bedachten.